Over de schrijver


Hoe word je hotelier? Ik mijn geval pas laat. Ik heb eerst koekjes verkocht bij Verkade, op de IT afdeling van Meulenhoff gezeten en meubelen ontworpen. Daarna ben ik in de wondere wereld van de reclame terecht gekomen. Tot ik werd uitgekocht en we besloten dat het tijd werd dat onze zoon en dochter het ouderlijk huis zouden verlaten (ze waren 25plussers). Wij zagen het al voor ons:  (niet erg origineel) een huisje in het buitenland en een flat in Nederland.

Dus Janneke, mijn vrouw, kocht een heel grachtenpand in Haarlem. Lijkt niet logisch, maar als je mijn boek leest zul je het beter begrijpen. Dat pand had drie etages. Bovenin kwam het kroost. Wij op één hoog en de begane grond hadden we over. Dat kun je lang verhuren, kort verhuren of heel kort verhuren. Doe je dat laatste dan heb je een hotel. Om het taxi chauffeurs makkelijk te maken noemden we het Spaarne 8, wat ook het adres was.

De inrichting, door Janneke Muileboom, was zo mooi dat we reportages (zoals deze) kregen in ruim 250 magazines over de hele wereld, tot de New York Times aan toe. Dus liep het zo goed dat ik er dagwerk aan had en het buitenland nog jaren moest wachten. Nou ja, tot mevrouw S. het weer op haar heupen kreeg.

Tenslotte: zoon Wessel is bankier (maar een hele eerlijke) in Amsterdam en dochter Fransje weet alles op het gebied van strategie en digitale media en verhuist nog vaker dan haar moeder. Nu woont ze in Berlijn. Max, de hond, leeft nog steeds maar is gestopt met roken.

Vragen? Ik hoor graag van je. Email naar:
peter @ peterschoenmaker.nl

Als je op de hoogte wil blijven, kijk dan op mijn facebook pagina:
https://www.facebook.com/peter.schoenmaker.5

Wat ik kookte voor de hotelgasten kun je zien op:
http://simplefoodlookinggood.blogspot.fr/

In tijd voor Max mocht ik iets vertellen over mij belevenissen als hotelier. Het interview is te zien vanaf de 28e minuut:
http://tijdvoormax.nl/

Wat het schrijven betreft: in de reclame word je gedwongen in 15 seconden te vertellen wat een ander in een kwartier doet, dus elk woord minder is winst.  Je bent meer tijd kwijt met het schrappen van woorden dan het bedenken van zinnen. Dat schiet alleen niet erg op als een uitgever er een boek mee wil vullen.

 

Webdesign: Maaike Schotsman www.exposures.nl